Lees hier het hoofdstuk 'Daddy needs a new pair of shoes'

Wanneer ben je eigenlijk een ervaren hardloper? Die vraag stel ik mijzelf regelmatig. Ik behoor inmiddels overduidelijk niet meer tot de categorie beginners.

Dat stelt natuurlijk geheel andere eisen aan mijn gereedschap. Ik ben dan ook echt toe aan een nieuw paar hardloopschoenen. Niet dat er grote slijtage zichtbaar is of dat ik afname van demping bespeur. Maar ik heb toch ergens gelezen dat je na zoveel kilometer in ieder geval nieuwe schoenen moet kopen?

Op een zaterdag moet het weer gaan gebeuren. Ik heb er een hele ochtend voor uitgetrokken. Goed advies en een weloverwogen keuze kosten immers tijd. Ik ga weer uitgebreid testen en ik zal intensief worden bekeken en geanalyseerd. Uiteraard neem ik mijn oude schoenen mee. Daar kan mijn loopgedrag nog makkelijker uit worden afgeleid. Ook neem ik mijn eigen hardloopsokken mee om de werkelijkheid zo goed mogelijk na te bootsen. Dit allemaal met als doel om de voor mij perfecte nieuwe schoenen te vinden. Welke specialistische merken zullen ze adviseren? Welke types zullen het beste bij mij passen? Zal ik het verschil echt kunnen voelen als ik straks in mijn ‘voor ervaren lopers bestemde schoenen’ ren? Uiteraard moeten ze ook weer net even mooier zijn. Mooier en beter.

Ik ben die ochtend al vroeg in de winkel. Het is nog rustig. Mooi, weinig mensen aanwezig, dus kan ik snel worden geholpen, denk ik. De man die naar mij toe komt lopen herken ik niet van de vorige keer. Na wat inleidend ‘small talk’ vertel ik trots en uitgebreid over mijn hardloopvorderingen. Terwijl ik dit vertel, houd ik zijn gezicht goed in de gaten. Op zoek naar tekenen van erkenning, dat ik nu inderdaad echt toe ben aan een beter paar schoenen. Dat zie ik niet direct. Daarom besluit ik er een schepje bovenop te doen. Ik ga wat dieper in op mijn loopjes en techniek. Echt veel indruk maakt het zo te zien nog niet. Nog een tandje opschakelen, vraag ik mij even af? Ik ga maar alvast zitten en terwijl ik enthousiast doorpraat trek ik mijn schoenen en sokken uit en hardloop sokken aan. Klaar om te passen. Zodra hij een adempauze signaleert ziet de verkoper zijn kans. Nuchter stelt hij mij de vraag: “Bevielen je huidige schoenen goed?” “Eh, ja, zeker”, antwoord ik snel. “Heb je er ooit blessures mee gehad?” is zijn tweede vraag. “Nee, eigenlijk niet”, reageer ik. “Nou dan zou ik weer gewoon dezelfde nemen”, is vervolgens zijn advies.

Even hap ik naar adem. Vol verbijstering kijk ik hem aan. Dat heb ik toch zeker niet goed verstaan? Dezelfde schoenen? Dezelfde? Hallo? Ik? Die nu toch echt een ervaren loper is? Met mijn kilometers per week? Dezelfde? Dat is niet de bedoeling! Dat kan toch niet het beste voor mij zijn? Ik moet toch zeker minimaal vijf verschillende merken en paren uitgebreid bekijken, bevoelen en uitproberen in de winkel en op straat? Ik wil mijzelf voelen zweven door de lucht op mijn potentiële nieuwe aanwinsten. Ik moet mijn eigen loop op al die verschillende opties toch terugzien op video?

Maar opeens snap ik het. Hij maakt natuurlijk een grap. Er verschijnt een grijns op mijn gezicht en ik begin te lachen. Dit in de verwachting dat hij mijn voorbeeld snel volgt. Maar als dat uitblijft en hij mij rustig blijft aankijken, stopt mijn lach vanzelf. De blik op mijn gezicht verandert in teleurstelling omdat ik opeens besef dat hij het meent. Hij merkt mijn reactie op. “Eh, ja, als je wilt mag je natuurlijk passen wat je wilt”, zegt hij. Maar ja, zijn logica snap ik ook wel. In gedachten zie ik mijzelf al weer thuiskomen met weliswaar nieuwe, maar wel dezelfde schoenen. Ik kijk nog even naar mijn oude schoenen.Daar was en is natuurlijk nog helemaal niets mis mee. Als ik eerlijk ben, heb ik eigenlijk helemaal geen nieuwe nodig. Maar ja, ik ben hier nu toch en heb het mijzelf beloofd. “Nee, je hebt eigenlijk wel gelijk”, zeg ik.

Rustig begin ik mijn hardloopsokken maar weer uit te trekken, terwijl hij tussen de voorraad zoekt naar de juiste maat. Ik heb mijn schoenen al weer bijna gestrikt, wanneer hij tot de conclusie komt dat die er niet meer tussen zit. Ergens diep van binnen begint er langzaam weer iets te glimlachen. Maar ik weet het snel de kop in te drukken. “Wanneer heb je die dan weer?” vraag ik hem. Dat blijkt echter nogal lastig te zijn. Als bestellen al mogelijk is, valt daar blijkbaar soms geen planning voor af te geven. Ik kijk hem even hoopvol aan. “Toch maar passen dan?” vraag ik.

Voordat er weer iets tussen kan komen heb ik mijn schoenen en sokken al weer uit en hardloopsokken aan. Vervolgens geef ik mij alsnog over aan een uitgebreide pas-, paradeer- en analysesessie. Meerdere merken en types gaan aan en uit. Eerlijk gezegd merk ik weer niet zoveel verschil. Dat verbaast en irriteert mij. Het verschil zal er vast wel zijn, maar ik voel het gewoon niet. Het passen en kiezen dreigt alsnog op een desillusie uit te lopen. Even overweeg ik nog om toch maar op mijn oude wondersloffen door te blijven lopen. Maar nee, ik verdien nieuwe schoenen, ik heb ze nodig en ik zal ze krijgen ook.

Niet veel later keer ik uitgerust met nieuw gereedschap en zo’n 150 euro lichter huiswaarts. Met in mijn handen een tas met daarin twee nieuwe schoenen. Ik bescherm ze met beide handen. Het zijn Saucony’s. Omni 7’s. Wit met een beetje blauw. Weer net even mooier dan mijn oude schoenen. Ik ben er weer helemaal klaar voor!

Ga nu naar 'Bestellen' en je hebt snel een exemplaar in je bezit!

(Wil je nog een hoofdstuk lezen? Klik dan hier voor het hoofdstuk 'Voor mijn vader')